U bent hier: Home / Thema / Financiën / Finlex / FINLEX - gemeenten

FINLEX - gemeenten

- Gemeentelijke comptabiliteit
Dotatie aan de gemeenten
- Fiscaliteit
- Patrimonium
Subsidies
- Administratief Toezicht
 

  • GEMEENTELIJKE COMPTABILITEIT
     

Omzendbrief betreffende de wijziging van artikelen 57 en 60 van het algemeen reglement op de gemeentelijke comptabiliteit door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 14 juni 2018.

Door de aanpassing van artikelen 234, 234bis en 236 van de nieuwe gemeentewet, die de besluitvorming in de gemeenten omtrent spoedeisende overheidsopdrachten van beperkte waarde wil versoepelen en de gemeenteraad wil ontlasten van gewone beheerdossiers, was het nodig artikelen 57 en 60 van het algemeen reglement op de gemeentelijke comptabiliteit te wijzigen, opdat de in deze bepalingen vervatte procedures de uitvoering van de betrokken overheidsopdrachten niet zouden vertragen.

Omzendbrief betreffende de afsluiting van de gemeenterekeningen voor het dienstjaar 2018

De omzendbrief betreffende de afsluiting van de gemeenterekeningen wordt jaarlijks gepubliceerd. Deze omzendbrief herinnert aan de wettelijke principes die de opmaak van de gemeenterekeningen regelen op verschillende aspecten zoals wettelijke bijlagen, boekhoudkundige richtlijnen, bezorging van de begrotingen aan de toezichthoudende overheid.

Omzendbrief opmaak van de gemeentelijke begrotingen voor het dienstjaar 2019 en de driejaarlijkse plannen voor de dienstjaren 2019-2020-2021

De omzendbrief betreffende de opmaak van de gemeentelijke begrotingen wordt jaarlijks gepubliceerd. Deze omzendbrief herinnert aan de wettelijke principes die de opmaak van de gemeenterekeningen regelen op verschillende aspecten zoals wettelijke bijlagen, boekhoudkundige richtlijnen, ESR 2010-normen, bezorging van de begrotingen aan de toezichthoudende overheid.

Omzendbrief van 16 oktober 2014 betreffende de volledigheid van de gegevens in de driemaandelijkse rapportering (Europese richtlijn 2011/85) +
Omzendbrief dd. 29 januari 2016 betreffende de rapporteringsverplichtingen van de gemeenten in het kader van het budgettaire stabiliteitspact en de ESR-normen


Sinds 2014 en de omzetting van de Europese richtlijn 2011/85 tot vaststelling van voorschriften voor de begrotingskaders van de lidstaten in de nieuwe gemeentewet, zijn de gemeenten onderworpen aan de verplichting die een driemaandelijkse financiële rapportering oplegt.

De omzendbrief van 16 oktober beoogt de verbetering van de praktijken inzake rapportering om tot een volledige bezorging van de gegevens te komen.

De omzendbrief van xx/xx/2016 herinnert de gemeenten aan hun verplichtingen inzake rapportering met name wat betreft de naleving van de kalender om de gegevens voor te leggen.

    

Omzendbrief van 7 januari 2013 betreffende de gemeentelijke leningen

Het koninklijk besluit van 2 augustus 1990 houdende het algemeen reglement op de gemeentelijke comptabiliteit legt de regels betreffende de leningen vast. De omzendbrief van 7 januari 2013 herhaalt de boekhoudkundige procedures die van kracht zijn op het vlak van de gemeentelijke leningen.

Besluit van 20 maart 2008 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot bepaling van het informaticaformaat van de begrotingen en rekeningen van de gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Het besluit van 20 maart 2008 bepaalt dat vanaf de begroting 2009 en de rekeningen 2008 de begrotingen, begrotingswijzigingen en rekeningen opgesteld worden met inachtneming van het in bijlage vermelde informaticaformaat.

Omzendbrief van 1 februari 2006 betreffende het probleem van de overboekingen +
Omzendbrief van 17 mei 2013 ter aanvulling van de omzendbrief van 1 februari 2006 betreffende de problematiek van de overboekingen

Deze omzendbrieven behandelen de problematiek van de functionele overboekingen. 
De omzendbrief van 1 februari 2006 omschrijft uitdrukkelijk de begrippen functionele overboeking, reserve en eigen dienstjaar om de gemeenten in staat te stellen het begrip functionele overboeking zo goed mogelijk te gebruiken. 
De omzendbrief van 17 mei 2013 wil het begrip functionele overboeking opnieuw verduidelijken na het onjuiste gebruik ervan door sommige gemeenten.

    

Omzendbrief van 4 mei 1999 met betrekking tot de praktische modaliteiten voor de budgettering en boeking in de buitengewone dienst.

De gemeentelijke comptabiliteit in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt geregeld door het koninklijk besluit van 2 augustus 1990. De omzendbrief van 4 mei 1999 zorgt voor preciseringen wat betreft de budgettering en de boeking in de buitengewone dienst met name op het vlak van leningen, subsidies of de samenstelling en het gebruik van buitengewone reserves.

Koninklijk Besluit van 2 augustus 1990 houdende het algemeen reglement op de gemeentelijke comptabiliteit

De gemeentelijke comptabiliteit in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt geregeld door het koninklijk besluit van 2 augustus 1990. Dit koninklijk besluit heeft een dubbele boekhouding ingevoerd: een budgettaire en een algemene. Vroeger was de gemeentelijke comptabiliteit nagenoeg uitsluitend budgettair. Dit algemeen reglement heeft betrekking op alle aspecten van de gemeentelijke comptabiliteit, met name de begrotingsopmaak en -wijzigingen, de regels voor het afsluiten van leningen, het beheer van de thesaurie, het opmaken van de jaarrekeningen.

 

 

  • DOTATIE AAN DE GEMEENTEN

Ordonnantie van 27 juli 2017 tot vaststelling van de regels voor de verdeling van de algemene dotatie aan de gemeenten en de OCMW's van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest vanaf het jaar 2017

Deze ordonnantie stelt de regels vast voor de verdeling van de algemene dotatie aan de negentien gemeenten en Brusselse OCMW's evenals de regels voor de uitvoering en betaling van de toegekende bedragen.
Deze nieuwe ordonnantie vervangt de ordonnantie van 21 december 1998 tot vaststelling van de regels voor de verdeling van de algemene dotatie aan de gemeenten. De verdeelsleutels van de algemene dotatie werden herzien en er werden nieuwe criteria ingevoerd om rekening te houden met de nieuwe realiteit in de gemeenten. 

Bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen (artikel 46bis)

Dit artikel 46bis werd in de bijzondere wet van 12 januari 1989 ingevoegd door de bijzondere wet van 13 juli 2001 tot herfinanciering van de gemeenschappen en uitbreiding van de fiscale bevoegdheden van de gewesten. Dit artikel legt het principe en het basisbedrag van de dotatie aan de gemeenten vast.

 

  • FISCALITEIT

Wet van 19 april 2014 tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, inzake de vestiging van aanvullende belastingen op gewestbelastingen.

Deze wet tot wijziging van het wetboek van de inkomstenbelastingen voert de mogelijkheid in voor de gemeenten, agglomeraties en provincies opcentiemen te vestigen op de onroerende voorheffing en sommige gewestbelastingen.

Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 29 november 2012 tot vastlegging van de modaliteiten voor de eindverdeling en de stortingsmodaliteiten van de opbrengsten van het parkeerbeleid.

Ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap voorziet in een verdeling van de winsten uit de parkeerretributies ten belope van 15% voor het parkeeragentschap en 85% voor de gemeenten. In dit besluit wordt aan die verdeelsleutel herinnerd. Het besluit legt de modaliteiten vast voor de aftrek van de kosten van de gemeenten of het parkeeragentschap in het kader van de controle en de inning van de parkeerretributies zoals bepaald in artikel 41 van voornoemde ordonnantie evenals de modaliteiten voor de verdeling van de ontvangsten tussen de gemeenten en het parkeeragentschap.

Ordonnantie van 22 januari 2009 houdende de organisatie van het parkeerbeleid en de oprichting van het Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap.

De ordonnantie richt een publiekrechtelijke naamloze vennootschap op onder de naam "Brussels Hoofdstedelijk Parkeeragentschap" en organiseert ook het parkeerbeleid in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Artikel 40 van de ordonnantie bepaalt dat elke gemeente de controle- en inningsopdracht van de parkeerretributie op haar grondgebied uitoefent. De gemeente kan die opdrachten echter overdragen aan het parkeeragentschap. Artikel 41 bepaalt zijnerzijds dat elke gemeente 15% van de winst uit de parkeerontvangsten terugbetaalt aan het parkeeragentschap. In het geval dat het agentschap de retributies int voor rekening van de gemeente, zal een inhouding van 15% op de aan de gemeente terug te betalen winst worden toegepast.

 

  • PATRIMONIUM

Omzendbrief van 22 december 2015 betreffende de verwerving of de vervreemding van een eigendomsrecht of van zakelijke rechten op onroerende goederen.

Deze omzendbrief herhaalt de algemene principes die in acht genomen moeten worden bij elke verwerving of vervreemding van een zakelijk recht op een onroerend goed. Hij legt ook de procedures vast die in acht genomen moeten worden met name wat betreft de schatting van de handelswaarde van het voorwerp van het zakelijk recht en de bezorging van de dossiers aan de gewestelijke toezichthoudende overheid.

Ordonnantie van 30 april 2009 ertoe strekkend een hoofdstuk V toe te voegen aan titel III van de huisvestingscode betreffende de straffen in geval van woningleegstand, tot wijziging van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen en tot wijziging van het Gerechtelijke Wetboek.

Deze ordonnantie voegt een hoofdstuk V toe met als opschrift "Hoofdstuk V - Straffen voor leegstaande woningen " houdende een artikel 23duodecies dat luidt: De eigenaar, de vruchtgebruiker, de houder van een recht van opstal of van erfpacht van het gebouw, die een gebouw of een deel van een gebouw dat bestemd is voor de huisvesting laat leegstaan, begaat een administratieve overtreding. Deze overtreding leidt tot een administratieve boete. De Gewestelijke Overheidsdienst Brussel oefent de controle uit en int de boeten. Vijfentachtig procent van de opbrengst wordt gestort aan de gemeente waar de leegstaande woning zich bevindt voor zover ze uitdrukkelijk de onbewoonde woningen geweerd heeft uit het toepassingsgebied van haar belastingreglement betreffende de verlaten, onbewoonde of onafgewerkte woningen.       De gemeente moet de geïnde bedragen besteden aan de ontwikkeling van haar huisvestingsbeleid.

De Brusselse Huisvestingscode werd, samen met de nummering ervan, herzien door de ordonnantie van 11 juli 2013 tot wijziging van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode.  Artikel 23 duodecies in Hoofdstuk V werd dus hernummerd en is het artikel 20, Hoofdstuk III, Titel III van de Brusselse Huisvestingscode geworden.

Ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode gewijzigd door de ordonnantie van 11 juli 2013

[texte à modifier]

Het Brussels wetboek werd, samen met de nummering ervan, herzien door de ordonnantie van 11 juli 2013 tot wijziging van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode.

Artikel 20 (nieuwe nummering) van de Brusselse Huisvestingscode voorziet in administratieve boeten voor leegstaande panden die volledig of gedeeltelijk voor huisvesting bestemd zijn.

De Brusselse Huisvestingscode voorziet ook in regels die van toepassing zijn op woningen die door openbare vastgoedoperatoren verhuurd worden.

Voor meer informatie over de huisvestingscode, zie de website: www.huisvesting.brussels.

 

  • SUBSIDIES

Ordonnantie van 19 juli 2007 ertoe strekkende de gemeenten te betrekken bij de economische ontwikkeling van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Deze ordonnantie is bedoeld om in de gemeenten een klimaat tot stand te brengen dat gunstig is voor de economische ontwikkeling, met name via het toekennen van een subsidie die bedoeld is om de afschaffing van bepaalde gemeentebelastingen te compenseren. Hiertoe moeten de gemeenten een kandidatuurdossier indienen waarna, wanneer het dossier goedgekeurd is, een contract gesloten wordt tussen de betrokken gemeente en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. In elke gemeente die een contract heeft gesloten met het Gewest wordt een opvolgingscomité opgericht dat waakt over de uitvoering van de overeenkomsten. 

Ordonnantie van 3 maart 2005 betreffende de toekenning van subsidies voor de bevordering van investeringen in buurtsportinfrastructuur

De ordonnantie stelt de bepalingen vast voor de toekenning, door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, van subsidies die bestemd zijn om investeringen van openbaar nut door de gemeenten aan te moedigen op het vlak van buurtsportinfrastructuur. Deze ordonnantie legt met name het begrip buurtsportinfrastructuur, de voorwaarden voor de toekenning van subsidies, de soorten subsidieerbare investeringen en de berekeningswijze van de toegekende subsidies vast.

Ministeriële omzendbrief van 18 juli 2002 betreffende de toekenning van toelagen voor de bevordering van investeringen in sportinfrastructuur

De omzendbrief bepaalt de voorwaarden voor de toekenning, door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, van subsidies die bestemd zijn om investeringen van openbaar nut door de gemeenten aan te moedigen op het vlak van buurtsportinfrastructuur. Deze omzendbrief legt met name het begrip buurtsportinfrastructuur, de voorwaarden voor de toekenning van subsidies, de soorten subsidieerbare investeringen en de  subsidiëringsvoeten vast.

Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen 

Deze wet omschrijft het begrip “toelagen” zoals die onder meer door gemeenten en verenigingen van gemeenten toegekend worden, ze bepaalt voorts de controlemodaliteiten van die toelagen en, in voorkomend geval, de terugbetalingsmodaliteiten ervan door de begunstigde.

 

  • ​ADMINISTRATIEF TOEZICHT

Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 8 september 2016 tot wijziging van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 juli 1998 betreffende de overlegging aan de Regering van de akten van de gemeenteoverheden met het oog op de uitoefening van het administratief toezicht

Dit besluit wijzigt het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 juli 1998, met name wat betreft de lijst van de akten die verplicht aan de toezichthoudende overheid bezorgd moeten worden met het oog op de uitoefening van het administratief toezicht. 

Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 juli 1998 betreffende de overlegging aan de Regering van de akten van de gemeenteoverheden met het oog op de uitoefening van het administratief toezicht

Dit besluit bepaalt met name de lijst van de akten die verplicht aan de toezichthoudende overheid bezorgd moeten worden met het oog op de uitoefening van het administratief toezicht.  Dit besluit werd gewijzigd door het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 8 september 2016, met name wat betreft de lijst van de akten die verplicht aan de toezichthoudende overheid bezorgd moeten worden. 

Ordonnantie van 23 juni 2016 tot wijziging van de ordonnantie van 14 mei 1998 houdende regeling van het administratief toezicht op de gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest evenals artikel 112 van de nieuwe Gemeentewet

Deze ordonnantie wijzigt de ordonnantie van 14 mei 1998 houdende regeling van het administratief toezicht op de gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. De wijzigingen hebben met name betrekking op de inkorting van de termijn van algemeen toezicht en op de vermindering van de soorten aan het goedkeuringstoezicht onderworpen akten.

Ordonnantie van 14 mei 1998 houdende regeling van het administratief toezicht op de gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

Deze ordonnantie regelt van het administratief toezicht op de gemeenten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Ze werd gewijzigd door de ordonnantie van 23 juni 2016 met name wat betreft bepaalde toezichtstermijnen

Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen

Deze wet stelt als principe dat elke bestuurshandelingen gemotiveerd moet worden. Deze motivering bestaat erin de juridische en feitelijke overwegingen die aan de beslissing ten grondslag liggen in de akte te vermelden.  Die wet vermeldt ook enkele uitzonderingen op dit principe.